Afscheid nemen, MAAR HOE

Lezing Mantelzorgers Oirschot

6-6-2011

 

Ik ben Annie Rutten en mag hier vanavond iets vertellen over afscheid nemen. Ik noem dit  de “Kunst van het afscheid nemen. “ Er zijn veel vormen van kunst; schilderkunst, beeldhouwkunst noem ze maar op; de een vindt het fantastisch en de ander vindt het afschuwelijk. Iedereen ervaart kunst anders. Het heeft met gevoel te maken. En ieder van ons voelt anders. Omdat wij allemaal zo verschillend voelen, hebben wij ook allemaal een andere beleving rondom een verlieservaring, al lijkt dat misschien op het eerste gezicht niet zo te zijn.

 

Als we terug kijken op de periode dat het leven nog eenvoudig was, dan zien we dat de directe omgeving een hele grote rol speelde. De overledene werd thuis opgebaard, de buurt ging aanzeggen, zij maakten een kist en een graf. De dagen tot de begrafenis werd er dag en nacht gewaakt en als het in de zomer warm was werd de kist gesloten, iedereen opgetrommeld en  vond de begrafenis plaats. Men droeg zwarte kleding en iedereen kon zien dat je in de rouw was. Alles speelde zich in en om het huis af.

Gaandeweg kwam de uitvaartondernemer in het spel en nam steeds meer over. 
Tegenwoordig wordt de overledene in een rouwkamer opgebaard, met vaste bezoektijden, het aanzeggen is vervangen door rouwkaarten, inmiddels kunnen we ook al condoleren op het internet en het graf wordt gedolven door een grafdelver. De wake is verplaatst naar de kerk; de avondwake en de zwarte kleding is vervangen door alles kan en niemand ziet meer dat je in de rouw bent. Dit kan soms tot pijnlijke situaties leiden. Ik hoorde eens van iemand die na de jaarwisseling weer voor het eerst ging werken na een overlijden dat iedereen als vanzelfsprekend zei: De beste wensen.
Wij zijn verder van elkaar verwijderd geraakt,  gaan weer snel over tot de orde van de dag. Je kunt het de mensen niet eens kwalijk nemen. Het is ook niet een kwestie van goed of slecht, het is wat het is.

 

Afscheid nemen is een afspiegeling van de manier waarop je met elkaar hebt geleefd. En het is voor iedereen anders zelfs binnen dezelfde familie. Het is dan ook de kunst om iedereen in zijn waarde te laten. Dat valt niet altijd mee, soms lopen de meningen zover uiteen, dat er heel veel gepraat moet worden om iedereen een goed gevoel te geven bij de genomen beslissingen.

Het is daarom gemakkelijker om vooraf als er nog geen emoties zijn met elkaar om de tafel te gaan zitten. Bespreek met elkaar wat voor jou belangrijk is. Je kunt je ideeën immers altijd weer bijstellen.  Als je omstandigheden veranderen, veranderen je ideeën vanzelf mee.

 

Weten wat je wilt zit vaak in hele kleine dingen. Wil ik het zien als de auto wegrijdt die mijn dierbare overbrengt naar het mortuarium? Wil ik zelf meehelpen of zelfs helemaal  de laatste verzorging doen?

Wie mogen er aan tafel zitten om mee te beslissen?  Ik vergelijk  de dagen rondom een overlijden soms met een losse puzzel, er ontbreken hier en daar stukjes, maar na verloop van tijd moet die puzzel weer compleet zijn. Elk stukje dat ontbreekt,  kost je energie. Energie die je nodig hebt om te rouwen. Want rouwen is hard werken

 

Met de komst van de bedkoeling is voor veel mensen de thuis opbaring weer een mogelijkheid. Een extra kamer is niet per se nodig, een bed is voldoende. Hierdoor gaan mensen op een totaal andere manier het rouwproces in. De dagen thuis zijn zo waardevol, je kunt op ieder gewenst moment alleen zijn, alles nog zeggen en je verhaal kwijt aan de mensen die op bezoek komen. Ik heb nog nooit gehoord dat iemand spijt had van een thuis opbaring, wel andersom. Kies wat bij je past. Het komt ook voor, dat er een compromis wordt gesloten, een paar dagen thuis en een paar dagen in het mortuarium. Niet iedereen is vóór de thuis opbaring, maar als het in een aparte kamer kan, zodat je niet steeds met de overledene geconfronteerd wordt, kan dat voor iemand voldoende zijn om in te stemmen. Het is belangrijk om  ruimte te geven aan elkaars gevoelens.

 

Zorg ervoor dat de achterblijvers weten of je een uitvaart wilt met een kerkdienst en of een avondwake. En of je begraven of gecremeerd wilt worden. Alles wat zij kunnen doen waarvan ze weten dat het een juiste keuze is, helpt hen om ondanks het verdriet een goed gevoel te hebben bij het afscheid.

 

Het komt ook voor dat iemand alles al tot in de details heeft geregeld en dat heeft een averechtse werking op het rouwproces. Als je nergens je gevoel in kwijt kunt, dus simpel gezegd: handen en voeten kunt geven aan je gevoel, dan blokkeren mensen.

 

Wat ik ook zie is, dat er ontzettend veel rek zit in het incasseringsvermogen van mensen. Je verlegt je grenzen op het moment dat je iets overkomt. Wilfred zou misschien zeggen: “je krijgt kracht naar kruis”.

Ik heb meegemaakt, dat binnen één gezin plotseling een jongen van 18 overleed en nog geen drie weken later zijn vader van 50 jaar.

Het sterven van de vader was verwacht en hij had binnen zijn gezin zijn afscheid bespreekbaar gemaakt: hij wilde graag thuis sterven en in zijn werkhoek opgebaard worden. Hij wilde begraven worden vanuit de kerk.

 

Het overlijden van de zoon sloeg in als een bom, maar vader maakte met de dood in de schoenen, ook dit afscheid bespreekbaar. De jongen werd in zijn kamer opgebaard, met zijn PSV sjaal om en tussen zijn modelauto’s.

 

Juist dié dingen doen die voor jou belangrijk zijn. Laat je niet afschrikken, er kan veel meer dan je vaak denkt. Maar het is wel belangrijk dat je wéét wat je wilt. Dingen die niet lopen zoals jij het had gewild, blijven je je hele leven bij. Eigenlijk zou iedereen één keer per jaar een uur aan tafel moeten gaan zitten met zijn of haar gezin, familie of vrienden om over je eigen dood te praten. Maar dat doen wij niet omdat we dat te confronterend vinden, of misschien vinden we wel dat het de goden verzoeken is.

 

Zeker als het om een plotseling overlijden gaat zijn mensen soms niet in staat om te verwoorden wat belangrijk voor hen is. Door een sfeer te creëren waar mensen zich veilig in voelen,  ze de ruimte te geven en zoveel mogelijk aan te reiken kunnen wij en dat geldt voor alle sprekers van deze avond,  hierin een belangrijke rol spelen. Laat niet alles uit handen nemen door professionals, door zelf  te kunnen handelen, geef je vorm aan je verdriet.

 

 

 

 

 

 

 

Een ding is zeker, rouwende mensen die ingebed zijn door familie en een sociaal netwerk waar ze op terug kunnen vallen, ervaren de steun en warmte hiervan als een warm bad. We hebben dit kunnen zien bijvoorbeeld in een gemeenschap als Volendam, zij steunden, troostten en hielpen elkaar. Ik hoorde op TV iemand zeggen; de professionele hulp die ons is aangeboden dat is goed bedoeld, maar wij lossen dat hier zelf op. En zo gebeurt het vaak in gemeenschappen waar mensen elkaar kennen.

Er voor elkaar zijn was vroeger belangrijk, is nu belangrijk en zal altijd belangrijk zijn.

 

Naar mijn idee is de betrokkenheid van kinderen bij een overlijden vaak onderbelicht. Volwassenen denken te gemakkelijk dat het aan de kinderen wel voorbij zal gaan, of dat ze het niet begrijpen, of we projecteren onze eigen angsten op onze kinderen.  . Kinderen hebben een hele duidelijke beleving van de dood. Ze geven zelf aan of ze actief of passief bij het proces betrokken willen worden. Als ik merk dat de ouders het moeilijk vinden om hun kinderen bijvoorbeeld mee te nemen naar het rouwbezoek of bij een thuis opbaring, dan stel ik altijd voor om aan het kind te vragen wat het zelf wil. “Ja, maar hij of zij is nog zo klein”. Dat doet er niet toe, kinderen weten intuïtief of ze willen kijken of niet. Ja is ja en nee is nee.

 

Het werkt voor kinderen enorm helend om op een creatieve manier uiting te kunnen geven aan hun verdriet d.m.v. tekenen of kleuren of een brief schrijven. Wij als volwassenen kunnen een kind daarin stimuleren en door aandacht te besteden aan de tekening of brief geven we ook de ruimte om uiting te geven aan het verdriet, ook het verdriet van onszelf. Het is vaak ontroerend om te zien hoe een kind een overlijden symboliseert.

 

Een jongetje van acht schreef boven zijn tekening aan opa: “Veel geluk in de hemel!” Het is toch prachtig, om zo door je kleinkind te worden losgelaten.

 

 In het boek “Omgaan met gestorvenen, leven voorbij de dood” van Pastor Hans Stolp (ISBN 90 202 8217 4) wordt beschreven dat de verbinding tussen haar (of hem) en ons zeker niet is verbroken. Elke verbinding, die door liefde tot stand is gebracht, is immers eeuwig en kent geen einde. De dood betekent dan ook een verandering in die verbinding en geen einde ervan. De overgang en de hulp die de achterblijvers daarbij kunnen geven werpt een heel ander licht op de beleving van het afscheid.

 

 

Nu jij er niet meer bent

 

 

Nu jij er niet meer bent

ben ik alleen gebleven

en voor mij ligt een leven

waarvan ik het doel niet ken

Nu komt het er op aan

nu moet ik gaan ervaren

of ik je kan bewaren

zoals je hebt bestaan…

Nu moet het liefde zijn

met minder is het geen leven

als liefde is gebleven

verzacht het mij de pijn…

En laat ik je de rust,

ik kon je niet zien lijden

de dood kwam jou bevrijden

je wacht aan verre kust….